Een patriot in Buren

 Jacobus Kok (1769-1817) en Antje Sipkes Blankenbil (1755-1840)

Boerderij van patriot Jacobus Kok in Buren, Ameland

Aan de Kooiweg te Buren staat vandaag de dag een prachtige appartementenboerderij van de familie Oud en Fonk. Het is geheel in stijl nagebouwd van de boerderij die in 2005 is afgebroken. Zelfs de jaarankers uit 1806 zijn terug gekomen.

Deze boerderij heeft een bijzondere ontstaansgeschiedenis met enkele prominente bewoners. De boerderij is in 1806 gebouwd in opdracht van Jacobus Kok en zijn vrouw Antje Sipkes. Ik heb redenen om aan te nemen dat deze boerderij oorspronkelijk in Koudenburg bij Hollum heeft gestaan. Hier bouwde de ondernemende meesterbakker Johannes Tjalling Swart in 1788 een grote boerderij van 90 voet lang, 58 voet breed en 45 voet hoog. Het dak geheel beschoten met grenenhout. De dorsvloer was van zware grenen balken en er was plaats voor 18 koebeesten en 6 paarden. De nette woonkamer had twee bedsteden, verder een spijskamer, een molkenkamer en een zomerwoning met veel gerieflijkheden. Op het woongedeelte lagen blauwe pannen en op de schuur 10.000 rode pannen. Johannes Tjalling Swart en zijn vrouw Aartke Pieters overleden beide in 1805. Het was in de Franse tijd en van Johannes was bekend dat hij een patriottische inslag had. Dus Fransgezind.
De boerderij is in 1806 verkocht, volgens Cornelis Pieter Sorgdrager aan een `Vries`. Men beweert dat hij in Stiens is herbouwd. Daar was inderdaad een herberg-boerderij Koudenburg. Echter kijken we naar de historie daarvan dan zien we dat die veel verder teruggaat dan 1805. Dus dat is onwaarschijnlijk.
Wat opvalt is dat het jaar van afbraak en de nieuwbouw aan de Kooiweg allebei in het jaar 1806 plaatsvonden. De maatvoering van boerderij Koudenburg was 27 meter bij 17 meter. Die in Buren was 23 bij 13,70 meter. Ik kan me voorstellen dat het dezelfde boerderij is geweest maar dat het met 1 spantvak korter is herbouwd. Overblijvend spantwerk kan gebruikt zijn om het woonhuis te verlengen.
Herbouw boerderij aan de Kooiweg te Buren AmelandHerbouw boerderij aan de Kooiweg te Buren Ameland
 
 

Wat verder voor deze theorie pleit is dat Jacobus Kok evenals Johannes Swart een overtuigd patriot was. De beide ondernemende en dominant aanwezige mannen moeten elkaar goed gekend hebben. In deze periode was het op Ameland een grote armoede. In het dagboek van Sorgdrager is het allemaal terug te lezen. Echter koopman Jacobus Kok was toen nog een rijk man. Hij had over het gehele eiland bezittingen in de vorm van woonhuizen, pakhuizen en grondbezit. Hij was een van de weinigen die zo´n grote boerderij kon betalen. De boerderij is, volgens mij, gedemonteerd en naar Buren gebracht.

Herbouw Boerderij aan de Kooiweg in Buren 2

In 1792 wordt Antje Sipkes voor de tweede keer weduwe als haar man Gerbrandus Gerlofs op zee overlijdt. Ze hadden vier kinderen: Engel, Aaltje, Sipke en Gerlof. Er waren ook nog kinderen uit haar eerste huwelijk met Theunis Jansen.

Bedsbankje uit 1790 van Gerben Gerlofs en Antje Sipkes Blanckenbil

Bedsbankje uit 1790 van Gerben Gerlofs en Antje Sipkes Blanckenbil

In 1796 huwt Jacobus Kok, afkomstig uit 't Land van Luik, met de dan 41-jarige Antje Sipkes Blankenbil. Antje Sipkes is in 1755 geboren op de Kooiplaats en was een dochter van de Kooiker Sipke Piekes en  Aaltje Jansen. Met Jacobus Kok krijgt ze nog een zoon Johannes.

Cobus Kok was koopman en is op Ameland blijven hangen. Hij heeft in Irnsum gewoond en was daar actief in het Friese vervoerswezen. We komen hem tegen bij een geschil over een vrachtsom van een  ´vracht pijpeduigen´ . Maar ook vervoer van materialen  voor ´kerk en huys´. Ook treed hij op als zaakgelastigde voor Amsterdamse kooplieden. Verder is hij genoemd als kerkvoogd voor de rooms-katholieke statie.

In het Memoriboek van Cornelis Pieter Sorgdrager komt enkele keren de naam van Jacobus Kok voorbij. Zo ook in de angstige dagen in 1798 als de eerste Franse militairen op Ameland arriveren:

Op tweede Paaschdag den 9 april wiert het Gansche Vroedschap afgeset van hun ampt bestaande uit 36 personen uit ijder dorp 12 waar onder 2 volmagten en 2 burgemeesters begrepen ware, het welke geschiede door de Agent, op het plein of Hoge Meij voor het slot te Balm en bij Provisie als Representanten aangestelt 12 personen te weeten Drewes Kempes en Dirk Cornelis Kat van Holm Sipke Clasen en Hans Feikes van Balm, One Jacobs Klein, Wiebe Wessels, Pieter Bloem, Jacob Jantjes, Teunis Siebes, Romke Fedderiks Jacobus Kok, Klaas Duif alle van Nes, ook wiert dese dag de wapens van Kamminga en verdere Outheden die voor tegen het slot aan stonden aan stukken gehouwen en vernielt, ook is dese dag de kaak tot Balm ( zijnde een verheven plaats daar misdadigers opgestelt wierden tot een Spektakel Staande in het midden van Balm benoorden aan de toren en op zij van deselve Stonden een Gijselpaal), alles omver gehaalt voorts wieder een Vrijheidsboom in de Hooge Meij of plein voor het Slot geplaatst alwaar de maagden en vrouwen van Nes en buuren omgedanst hebben die voor de nieuwe Constitutie waren en gedronken en gegeeten, maar de balmer ingesetene, die van de andere partij waren, lieten hun stil begaan zonder zig er mee te bemoeien

Dinsdag 26 Junij is ons tans regeerende Raad der Gemeente door een commisje uit Vriesland van hun ampt ontslagen.

Dus onze Jacobus Kok was weer ambteloos burger.

In de Leeuwarder Courant van 10 november 1994 wordt verhaald over processtukken van 24 april 1800. Enkele Oranjegezinde Amelander jongens, waaronder de dertigjarige Tjeerd Heeres Scholts en Ismael Polet (26) schopten herrie op woensdag 9 oktober 1799. ’s Middags al trokken Tjeerd Scholts c.s. te paard door Nes, oranjelinten op de hoed, een hoop volk – vooral kinderen – om zich heen. Bij de gemeente secretaris van toen Klijn, eisen ze van de “huishoutster” dat de oranjevlag uitgestoken werd. De vlag bleef eerst nog binnen, maar werd ’s nachts toch van de toren te Nes en Hollum uitgehangen. De volgende dag wordt het oranjekabaal luider Kastelein Gabe Hendriks van de Goede Visscherij in Nes getuigde later dat die dag “zommige perzoonen ten zijner Huijze zijn gekomen om oranjebomen op te tooien”. Daarbij werden allerlei Oranje liedjes gezongen en- uiteraard- heel wat neutjes achterovergeslagen. Diezelfde donderdag ging de club, Tjeerd Scholtes weer voorop, te paard en in oranje, opnieuw het dorp rond. Men had een “flesche brandewijn in den hand”en dwong onder anderen “ziedaar een Bataafse Burger”-  Johannes Kok, commandant van de gewapende burgerwacht op het eiland, te drinken op de gezondheid van de Prins van Oranje, ter ere van de pas opgerichte Oranjeboom en ook te drinken op de Amelander OranjeklantenCommandant Kok weigerde dat – “dat verdom ik “, staat in het proces-verbaal – maar hij gaf zijn belagers wel kruit uit de gemeentelijke voorraden, waarschijnlijk omdat de betogers uitbundig met snaphanen in de lucht schoten en hij zich bedreigt voelde.

Nes Ameland in 1790 - prent van BulthuisNes Ameland in 1790 - prent van Bulthuis

Nes in 1790 (prenten van Bulthuis)

Sorgdrager

In September 1808 is men nog dagelijks bezig om een dijk over de Slink te maken, het Zelve is aangenomen, door Jacobus Kok, van Nes en Zo men Zegt voor eene 20 Jarige pagt van de duinen.

Ploegen van de duinen met molbord

Woensdag den 7 December 1808 is de dijk van Jacobs Kok, over de Slijnk gemaakt doorgebroken waardoor Zeer diepe gaten gescheurt Zijn

De Slenk in 1860

De Slenk in 1860

Den 31 December 1811 kwam hier een bekent making dat tot De nieuwe Regeering was aangestelt Jocobus Kok als vreederegter, Gerben Jansen als Merre ( burgemeester) als  Raaden der Gemeente hier tot Holm, en zo tot Balm  3 en tot Nes 4 personen tot Raden der gemeente,

H.T.Ament, die hier op Ameland in het begin van December 1802 op het land gekomen was gegaan na Engelend, Zonder afdoening van Saken, Eene menigte boelgoedspenningen, waar aan weduwen, en Wezen annex waren, zedert zijn komst alhier verkogt, alsmeede Gelden opgenomen op Intrest, mer een Woort, wat hem mogelijk was te doen heeft hij gedaan, en is met De Gelden bankroet gegaan, zo men zegt, waar bij een menigte weduwen en wezen te kort komen. Zo hier als op andere plaatsen, en zo men zegt Jacob Kok zijn grote vrind een hypotheek hebben van 10 a 12000 guldens In het laast van Sept: is zo men zegt zijn boedel opgenomen

Uit een lijst uit 1810 waar de belastingheffingen op werden bijgehouden.:
Huisnummer, eigenaar en aantal bewoners
Nes
91 Jacob Kok  onbewoond
94 Jacob Kok pakuis onbewoond
95 Jacob kok  schuur
98 Jac. Kok geamoveerd (gebouw gesloopt)
104 Jac. Kok geamoveerd
118 Jac. kok  geamoveerd
132 Jac. Kok geamoveerd
176 Jac. Kok 5 bewoners


Ballum
191 Jacobus Kok stal
285 Kok schuur onbewoond
24 H.T.Ament 9 deuren en vensters, 7 bewoners


Buren
7 Kok geamoveerd
10 Jac. Kok 4 bewoners
11 Jac. Kok schuur
13 Jac. Kok geamoveerd

Hollum
150 H.T. Ament pakhuis, deuren en vensters 13
156 H.T. Ament pakhuis
301 Jac. Kok pakhuis

Zondag den 19 Decemb 1813 heeden moet een ijder die pretentie heeft op de geweesen en na Engeland vertrokkene Secretaris H:T Ament deselve opgeven aan vier Heeren uit Vriesland die hier tot Balm Sitten  Maandag den 20 dito 1813 heden hoort men Zekerheid Dat H;T Ament uit Engeland tans tot Amsterdam was aangekomen

De grote vriend van Jacobus Kok was Harmen Thieden Ament, geboren in Amsterdam in 1768- overleden te Sneek 1839. In zijn jeugd groeide hij op voor galg en rad en was nogal tegendraads. Als vurige patriot in hij in de 80er jaren van de 18 eeuw naar Frankrijk gevlucht nadat de prinsgezinden het gewonnen hadden van de patriotten. In 1792 komt hij terug en heeft functies achtereenvolgens van apotheker in Sneek, in de Franse tijd actief in het provincie bestuur en secretaris (1797) van Oostdongeradeel. In 1801 notaris en secretaris op Ameland tot 1811. in september 1813 vlucht hij met achterlating van vele schulden naar Engeland om aan zijn schuldeisers te ontkomen. Een fors aantal weduwen en wezen hebben hierdoor veel geld verloren.  Hij heeft op de vlucht nogal wat geld voor zichzelf genomen. Als  sympathisant van de Franse bezetter werd het hem in 1813, toen Napoleon zijn tijd geweest was, te heet onder de voeten. De fraudeur maakte de hypotheek van Jacobus Kok nog even op van 10 á 12.000 gulden. Op zijn oude dag waarschuwde de ex-revolutionair zijn vier kinderen in zijn memoires om nimmer in politieke of geestelijke kwesties partij te trekken, maar stil en vreedzaam ten eigen nut werkzaam te houden. De kinderen kregen ieder vanuit zijn nalatenschap elk zo'n 10.000 gulden. Dat was een klein fortuin.  (Bronnen Pôllepraat nr. 17 en nr. 25)

We komen tegen een Acte van Overgang van Eigendom. No 63 opgemaakt Den Vijfden December 1817.

Wij ondergeteekende Jacobus Kok en Antje Sipkes, egtelieden woonachtig in de buuren onder den dorpe Nes op het eiland Ameland, bekennen en verklaaren door deesen, verkogt te hebben en in eigendom over te dragen aan Jan Scheltema, woonachtig in den dorpe Nes en aan Sipke Gerbens de Jong, woonachtig op de Vogelkooi op het eiland Ameland te zaamen onze woonhuizinge en boerenschuur en schapeschuur, staande op een half med land in de buuren, gequoteerd onder letter en nummer 10 en bezwaard met een gulden jaarlijks aan het Domein voor eeuwige rente en hebben tot naastliggers ten westen en noorden Paulens Barens ten oosten de verkopers en ten zuiden de heereweg; alsmede een stuk land leggende in de duinen, rondom in zijn sloot, genaamd het groot land tot naastlegers de erven Cornelis Pierssen ten westen, bezwaard met zes guldens eeuwige renten jaarlijks aan het Domein alsmede een stuk land leggende op het oosteind van den dorpe Nes, genaamd het Hein van Straaten in zijn dijk en tot naastlegers Klaas Simmons ten Westen, bezwaard met drie gulden eeuwige rente jaarlijks aan het domein;
alsmede een stuk land onder den dorpe Nes genaamdt het Molenaarshiem, hebbende tot naastlegers ten noorden de weduwe van Geert Pitter Brouwer en verders in zijn dijk en wallen, bezwaard met vier gulden eeuwige rente  jaarlijks aan het domein.
Aldus uit de hand verkogt te zaamen voor een
Somma VAN Twee Duizend, drie hondert en vijftig guldens
Bij het passeren dezes in zilveren en klinkende munte, zonder eenige voor geld gaande effecten.
Nadien de kopers aan ons verkopers de koopschat in dezen ver,meld á f 2350 guldens heeft voldaan en betaald, zoo passeren wij deze voor een vrije koopbrief an absolute quitantie;stellen de verkopers van stonden aan in de reëele possesie, benevens de vrije aanvaardingvan het gekogte in voegen vermeld te leveren en voor de evictie te caveeren zoo als naar regten behoord onder verband van onze personen en goederen met onderwerping derzelve aan alle regters en regtbanken ter eersten aanspraak.

Buuren op Ameland 10e january 1817 / getekend/ Jacobus Kok, Antje Sipkes
Geregistreerd te Dockum ten zestiende January 1817 vak 5 en volg van fo 157 B (E. Fockeman)
De koopbrief hier bovenstaande woordelijk overgeschreeven ter verzoeke van den koopers welkde de koopschat hebben voldaan.
Grafsteen Antje Sipkes op algemene begraafplaats te Nes

Uit bovenstaande stukken blijkt dat Jacobus Kok flinke schulden had. Waarschijnlijk vooral veroorzaakt doordat hij grote sommen geld leende aan secretaris A.T. Ament. Op 16 januari verkoopt hij dus zijn woonhuis en enkele percelen land aan Jan Scheltema en zijn (stief) zoon Sipke Gerbens de Jong. Halverwege het jaar 1817 vindt er in naam der Hooge overheid een EXECUTORIALE VERKOOP plaats van de rest van de bezittingen van Jacobus Kok. Een huis en drie pakhuizen en verder 37 percelen grond. De profisionelen palmslag zal zijn op Dinsdag den 4 November 1817, des morgens ten 10 uren, ter Rolle der Regtbankter eersten Instantie te Leeuwarden.

Jacobus Kok maakt dat niet meer mee. Hij overlijdt op 8 september 1817. Zijn vrouw Antje Sipkes zal hem nog een kwart eeuw overleven. Ze overlijdt op 3 oktober 1840 op 85-jarige leeftijd op de Kooiplaats. Haar grafsteen staat nog steeds op de Algemene begraafplaats in Nes. Volgens het register van overledenen van de RK parochie is Antje Sipkes drie keer bediend geweest, oftewel voorzien van de laatste sacramenten. Op 6 mei 1836, 18 mei 1839 en in aug 1840.

Door Anne de Jong

 

Zoek naar uw Amelander voorouders:

 

Ontdek alles over Stichting De Ouwe Pôlle

NIEUW: Teken nu in op het boek 'Tegelkunst op Ameland' van Barbara Hofker-Esser

In de zomer van 2024 is er werk van Barbara Hofker - Esser in het Cultuur en Historischmuseum Sorgdrager op Ameland te zien.Intekenactie Tegelkunst op Ameland - Barbara Hofker Bij deze overzichtstentoonstelling van ruim 60 kunstwerken wordt dit boekje uitgegeven. 
Het is een naslagwerk met veel foto’s van prachtige Amelander tegelkunst, allemaal naar eigen ontwerp van Barbara Hofker. Joke Mosterman schreef de verhalen achter de tegels en plaatste Amelander tegeltableaus in een historische context.
 
Het boekje is nu al te bestellen voor een intekenprijs van 12,50 euro. In de museumwinkels is dit prachtige naslagwerk vanaf 28 maart verkrijgbaar voor 15,00 euro. 
 
64 + 4 pagina’s
Soft en glossy omslag
21 x 21 cm
 

<<< Doe mee aan de intekenactie: klik hier om in te tekenen! >>>

Word vriend van Stichting De Ouwe Pôlle en mis niets meer van de Amelander cultuur!

Word vriend van Stichting 'De Ouwe Pôlle Ameland'. Daarmee steunt u het behoud van het cultuurhistorisch erfgoed op Ameland.

  • Ontvang drie keer per jaar onze magazine Pôllepraat vol verhalen over de Amelander cultuur en geschiedenis
  • Steun onze musea op Ameland: museum Sorgdrager, museum Swartwoude, het bunkermuseum en de cultuurkerk in Nes
  • Met uw bijdrage organiseren wij ieder winter een programma bestaande uit lezingen waaraan u kunt deelnemen
  • Onze stichting heeft een ANBI-status (Algemeen Nut Beogende Instelling)

<<< Meld je aan als vriend van de Ouwe Pôlle >>>