40 jaar geleden: de melkpijpleiding van Ameland

Het is dit jaar 40 jaar geleden dat de commissaris van de Koningin Hedzer Rijpstra op 6 november 1978 de melkpijpleiding opende die tussen Nes en Holwerd liep. Het was de eerste lange melkpijpleiding die onder een zee doorliep en daarmee een internationale primeur. Deze pijpleiding van de samenwerkende boeren van Ameland kostte vier en een half miljoen gulden, waarvan het Ministerie van Landbouw de helft bijdroeg en was 15 kilometer lang. De komst van de melkpijpleiding was niet een vanzelfsprekendheid. De meningen waren verdeeld, het project kostte veel geld en bij de uitvoering deden zich de nodige problemen voor. Op basis van de kranten uit die tijd en een tip schetsen we een beeld van de melkpijpleiding. 
Het is dit jaar 40 jaar geleden dat de commissaris van de Koningin Hedzer Rijpstra op 6 november 1978 de melkpijpleiding opende die tussen Nes en Holwerd liep. Het was de eerste lange melkpijpleiding die onder een zee doorliep en daarmee een internationale primeur. Deze pijpleiding van de samenwerkende boeren van Ameland kostte vier en een half miljoen gulden, waarvan het Ministerie van Landbouw de helft bijdroeg en was 15 kilometer lang. De komst van de melkpijpleiding was niet een vanzelfsprekendheid. De meningen waren verdeeld, het project kostte veel geld en bij de uitvoering deden zich de nodige problemen voor. Op basis van de kranten uit die tijd en een tip schetsen we een beeld van de melkpijpleiding. 
Commissaris van de Koningin mr. Rijpstra tapte als eerste melk uit de melkpijpleiding
Commissaris van de Koningin mr. Rijpstra tapte als eerste melk uit de melkpijpleiding
 

Ovale buis voorkomt melktransport

Via de website Amelander Historie ontvingen we een reactie van Arnold van der Linde over de melkleiding van Ameland. Hij Kaart melkpijpleiding Holwerd Amelandschreef dat zijn vader als monteur een probleem met de buizen had opgelost. De buis was namelijk ovaal en niet bruikbaar voor transportballen. Op het moment dat de buis uit de extruder komt, is die precies rond. Maar het probleem was dat ze de buis op grote haspels hadden opgerold waarna die ovaal werd. Een ovale buis kon niet voor het melktransport worden gebruikt.
De monteur Piet van der Linde (77) werkte destijds bij plaatwellerij Stork uit Velsen. Hij moest ooit voor een kunststoflascertificaat naar Duitsland. Daar heeft hij gezien hoe een PE-buis rond kon worden gehouden met warm water onder hoge druk. Op deze manier kon de buis bewerkt worden tot een grote straalbocht. Deze techniek werd ook op de 8 kilometer lange PE-buis toegepast. Door een grote stookinstallatie en de buis continu met warm water te verwarmen, is de buis weer langzaam teruggekeerd tot op een paar tiende millimeter van zijn oorspronkelijke maatvoering. Dit alles heeft een vertraging van bijna drie maanden opgeleverd. Op de weekenden na was Piet zowel in Holwerd als op Ameland aanwezig om de stookinstallatie te controleren. Wat zou er van de melkleiding zijn geworden als deze techniek niet was toegepast?
 

Kinderziektes

Twee weken na de opening van de melkpijpleiding was de leiding tijdelijk buiten werking omdat een schip tegen de leiding was opgevaren en daardoor een deuk was ontstaan. De deuk kon snel worden opgespoord met rubberen ballen die tegelijk met deIn 1982 was er een storing in de melkpijpleiding en de melk moest melk op een alternatieve manier worden vervoerd (uit de LC van 12 juni 1982) melk van Ameland naar de vaste wal werden gestuwd. In deze ballen zaten kleine zenders. Op de plek waar zo’n balletje strandde zat de deuk. De kunststoffen binnenleiding was met heet water weer in zijn oorspronkelijke vorm gebracht. Uiteindelijk werd bij laag water de deuk uit de stalen mantel van de leiding gehaald. 
 
Een ander probleem met de leiding was dat die niet diep genoeg bij de Friese kust was ingegraven. Maar liefst drie kilometer van de leiding lag nog niet op de vereiste diepte. Dit kwam door de dikke laag klei in de grond waar de onderaannemer geen rekening mee hadden gehouden. In plaats van 100 meter leiding per dag lukte het maar 10 meter onder de grond te krijgen. Tevens ging de graafapparatuur kapot. Dit zorgde ook voor veel vertraging bij het opleveren van de melkpijpleiding. Het zou nog tot eind december 1978 duren voordat de pijp voldoende was ingegraven. Deze werkzaamheden hadden de hoogste prioriteit vanwege de toenemende kans op ijsvorming. De leiding zou daardoor kunnen knikken of breken. 
 

Hoge verwachtingen

In het begin hadden de Amelander hoge verwachtingen van de melkpijpleiding. Het melktransport per leiding zorgde voor net zoveel opbrengst van de melk als de boeren aan de wal kregen. De leiding voerde niet continu melk naar de wal, maar elke dag een hoeveelheid van ongeveer 30.000 liter. De melk werd in een soort pakket gelanceerd. Er kwam eerst een oppompbare rubberen bal in de buis met daarachter spoelwater en vervolgens weer een rubberbal. Daarna volgde de melk, afgesloten door een laatste bal. De installatie werd aangedreven door pompen die de melk met een snelheid van 1,7 meter per seconde stuwde naar het ontvangststation bij Holwerd.
 
In het eerste jaar werd 9 miljoen kilogram melk naar de vaste wal gepompt. En op het hoogtepunt werd in een jaar 13 miljoen kilogram melk getransporteerd. Later liep dit aantal weer terug naar 9,5 miljoen kilogram. Voor de leiding waren verschillende octrooien aangevraagd, zoals voor het schoonmaaksysteem. Tussen Wergea en de CCF in Leeuwarden was men ook van plan een melkleiding aan te leggen maar door de snelle ontwikkelingen in de zuivelindustrie is die er nooit gekomen. 
Overigens was niet iedereen even enthousiast met de komst van de melkpijpleiding. De zuivelfabriek in Hollum sloot namelijk waardoor het personeel zonder werk kwam te zitten.
 

Einde melkpijpleiding

In januari 1994 werd de leiding door Friesland Frico Domo afgesloten doordat hij vanwege de hoge schoonmaakkosten niet Een foto uit de Volkskrant toont hoe de pijpleiding werd gesloopt (foto van 8 juni 1995)meer rendabel was. Delen van de leiding werden gesloopt. Het vervoer met tankwagens was vanaf dat moment goedkoper. Bovendien pasten deze wagens op de nieuwe grotere veerboten van rederij Wagenborg en dat was eind jaren 1970 nog niet het geval. Ook zou de leidingmelk niet meer aan de kwaliteitseisen voldoen. De melk nam de temperatuur aan van het zeewater en die temperatuur was vooral in de zomer te hoog. Vier graden zou de ideale temperatuur zijn. In het begin maakten nog zo’n vijftig melkveehouders gebruik van de pijp maar dat aantal was in 15 jaar tijd afgenomen tot dertig melkveehouders. 
 
In 2000 ontdekten werknemers van KPN de restanten van de leiding op een kaart van Rijkswaterstaat. Ze stelden voor deze te gebruiken voor de aanleg van een glasvezelkabel van het vasteland naar Ameland. Met de uitvoering van dit plan werd een besparing bereikt van 131.000 gulden. Zo kreeg de voormalige melkpijpleiding, die eens internationale belangstelling genoot, een nieuwe functie. 

 

Dit artikel is afkomstig uit een eerdere uitgave van magazine De Amelander en is met toestemming van de redactie geplaatst. © De Amelander

VRIENDEN WORDEN

Word vriend van Amelander Historie! U ontvangt iedere maand onze historiekrant en krijgt een gratis e-book cadeau! 
 
 

Volg Amelander Historie:

Facebook

Twitter

Instagram

Ontvang de digitale Amelander Historie Krant

✔Iedere maand onze verhalen, foto's en boeken per mail ✔ Na bevestiging ontvangt u een e-book over Ameland ✔Afmelden kan altijd en is eenvoudig ✔Het is 100% gratis en u zit nergens aan vast ✔ Ruim 2.000 mensen gingen u voor!