Amelander archiefschatten 2: grote honden verboden! (1709)

Amelander archiefschatten 2: grote honden verboden! (1709)

Veel mensen denken dat archieven stoffig en saai zijn. Dat vooroordeel klopt niet. In archieven worden unieke historische documenten bewaard die vaak spannende, verdrietige of vrolijke verhalen vertellen. Historicus en archivaris Vincent Robijn reist voor De Amelander Nederlandse en buitenlandse archieven af op zoek naar Amelander archiefschatten. Deze keer bleef hij dichtbij huis en vond in het archief in het gemeentehuis in Ballum een verbod uit 1709 op het houden van grote honden.

Door Vincent Robijn

 

Schatbewaarder

 

De oude archieven van Ameland worden bewaard in een brand- en watervrij depot met een dikke deur in het gemeentehuis in Ballum en worden beheerd door het Streekarchivariaat Noordoost Fryslan. Een keer per week reist streekarchivaris Tjeerd Jongsma van zijn standplaats Dokkum naar Ameland om in het gemeentehuis historisch geïnteresseerde bezoekers toegang tot het archief te geven. Jongsma reist wat af, want hij is ook archivaris van Schiermonnikoog. Feitelijk is de streekarchivaris een soort schatbewaarder want in het door hem beheerde archief bevinden zich honderden unieke documenten over de geschiedenis van Ameland vanaf de Middeleeuwen die vaak door niemand anders dan de archivaris zelf bekeken zijn. Een klein pareltje uit het archief is een ordonnantie uit 1709 over het verbod op het houden van grote honden op het eiland. 

 

 

Heerlijke rechten

 

Het moet een opmerkelijk gezicht en geluid geweest zijn: de honderden honden die tussen 26 en 29 augustus 1709 van en naar het slot in Ballum werden gebracht om daar te worden opgemeten. Deze ‘hondenactie’ was het resultaat van een ordonnantie (decreet) die op 13 augustus Konijnenjacht op Amelanddoor prinses Henriette Amalia van Anhalt-Dessau als vrij- en erfvrouwe van Ameland was uitgevaardigd. De Vrouwe meldt in deze ordonnantie dat zij “door dagelijkse ondervinding gewaer [is] geworden” dat het houden van grote honden door de Amelanders “tot merkelijke nadeel van ons wild is”. Henriette Amalia bedoelt hiermee dat de Amelanders een van haar zogenoemde ‘heerlijke rechten’ niet respecteerden. Dit waren bijzondere rechten die sinds de Middeleeuwen aan de Heer van Ameland toevielen. Een van die rechten was het exclusieve recht van de Heer om in de duinen te (laten) jagen op konijnen, een lucratieve onderneming niet alleen vanwege het smakelijke vlees maar vooral ook vanwege de waarde van konijnenbont. De Cammingha’s hadden als Heren van Ameland hun heerlijke rechten altijd streng beschermd. Amelanders die inbreuk op deze rechten maakten, werden bestraft met opsluiting in het ‘hondenhok’ van het slot, vastbinding en vernedering aan de openbare schandpaal of uiteindelijk ophanging aan de galg die tussen Ballum en Hollum stond.

 

Door de ring

 

Prinses Henriette Amalia kocht in 1704 Ameland van de familie thoe Schwartzenberg, waarmee het eiland privébezit werd van de familie Nassau. Met die koop gingen ook de oude heerlijke rechten over op de nieuwe eigenaresse. Om de Amelanders te herinneren aan het feit dat het oude jachtrecht van de Heer nog steeds van kracht was en om stropers te ontmoedigen, werd in 1709 een nieuwe ordonnantie uitgevaardigd. In deze ordonnantie, die door middel van plakkaten op bomen en publicatieborden en door dorpsomroepers onder de aandacht van de Amelanders werd gebracht, werden alle hondenbezitters opgeroepen om tussen 26 en 29 augustus naar het slot in Ballum te komen om hun hond te laten opmeten. Op Ameland bestond al sinds de Cammingha’s een verbod op het houden van grote honden (ook moesten bij kleine honden de oren afgesneden worden om te voorkomen dat deze konijnen uit hun holen haalden), maar blijkbaar was niet voor iedereen duidelijk wat precies een ‘grote hond’ was. Om deze “twijfelagtigheid” voorgoed weg te nemen werd besloten alle Amelander honden op te meten. Dat gebeurde op een bijzondere manier: aan de muur van het slot was een ijzeren ring gemaakt waar de honden doorheen werden geleid. Als een hond met zijn achterlijf niet door de ring paste, was hij te groot en werd hij afgemaakt of werd “de middelste klauw van de regtervoet afgeslagen” zodat hij voortaan ongeschikt was voor de jacht. De Amelander hondenbezitters zullen niet blij geweest zijn met deze strenge maatregel. Toch zullen er weinigen zijn geweest die zich niet met hun hond bij het slot meldden. In de kleine Amelander gemeenschap was de sociale controle groot en bovendien riskeerde men een boete van een pond als men geen gehoor gaf aan de oproep. Voor de honden zelf was deze maatregel natuurlijk dramatisch: zelfs al pasten zij door de ring dan nog liepen zij het gevaar om door de duinmeier (opzichter) gepakt te worden. Deze had namelijk de instructie om honden die in de duinen losliepen dood te schieten of “op andere wijse van kant (te) helpen”.

 

Honden hadden op Ameland in de achttiende eeuw een echt hondenleven…

 

Dit artikel is afkomstig uit een eerdere uitgave van magazine De Amelander en is met toestemming van de redactie geplaatst. © De Amelander

Nieuwsbrief Amelander historie

Het beste van Amelander historie in je mailbox? Meld je aan voor de maandelijkse nieuwsbrief