Een gerespecteerde vakbondsman van Ameland

12-09-2013 19:23

Op 5 oktober 1875 werd in het gezin van Benjamin Johannes Manje en Gertje Tjietzes Visser een zoon geboren, het was de tweede zoon in dit gezin, en deze nieuwe wereldburger zou zich later manifesteren als een man die opkwam voor de arbeider, de arbeider die uitgebuit werd door zijn werkgever. In dit geval betrof het de zeelieden die zich moesten onderwerpen aan de grillen van de reders. Tjietze, zoals de zoon naar de vader van zijn moeder werd genoemd, vertrok al op jonge leeftijd naar Amsterdam waar hij zich zou ontplooien als een vakbondsman die veel respect afdwong. In 1900 werd er de Algemene Nederlandse Zeeliedenbond opgericht. Bij de oprichting van de afdeling Amsterdam van deze bond was Tjietze Manje nauw betrokken. Tjietze zou zich vanaf zijn 25e jaar met al zijn kracht inzetten om de belangen van de zeelieden te behartigen. In november 1906 trouwde Tjietze met H. G. Hesterman die vermoedelijk van Amsterdamse afkomst was. Nadat Tjietze op zeer jonge leeftijd was overleden, verscheen de onderstaande tekst in het blad van de Zeemansbond dat hieronder is weergegeven.

 

Tjietze Manje.   †

Vrijdagmorgen den 25en October 1907, geheel onverwachts, kwam het bericht tot ons, dat ons aller kameraad en trouwen medestrijder T. Manje, den vorigen avond, ten 10, ure in den ouderdom van slechts 32 jaar, was overleden.

Zijn vrouw, na nauwelijks elf maanden gehuwd te zijn geweest, verliest aan Manje een zorgzaam en oprecht man. Zijn ouders, die jaren lang hun zoon, die een zwak gestel had, hebben bijgestaan, zagen hem thans helaas aan zich ontvallen, een zoon, zoo vol leven, zoo vol moed en oprechtheid. De afdeling Amsterdam, van den Alg. Ned. Zeemansbond heeft, door het heengaan van T. Manje, een van zijne beste strijders verloren. 

 

Tjietze Manje was betrokken bij de oprichting van de zeemansbond

 

Vanaf 1900, toen de bond is opgericht, was Manje een van de personen, dien het op zich had genomen, de zeelieden te helpen in hun strijd tegenover de reeders, voor verkorting van arbeidstijd, en verhoging van loon. Manje heeft het niet bij woorden gelaten, doch zijn beloften in daden omgezet. Dag in, dag uit, was Manje bezig de zeelieden op hun slechten toestand te wijzen en aan te sporen, zich te organiseeren. Dat, Manje  succes had, zou dan ook spoedig blijken. Nauwelijks had de organisatie eenige maanden bestaan, of de zeelieden, gedwongen door de slechte voorwaarden, waaronder zij moesten werken, kwamen in strijd tegen de reeders . gedurende den geheelen week, waarin de staking, die slechts twee dagen heeft geduurd, plaats had stond Manje op zijn post en niets ontging hem. De zeelieden, zagen hun werk met een flink succes bekroond, en sloten zich allen bij den bond aan. De zeelieden echter, die gedurende eeuwen, als slaven waren behandeld, konden hunne overwinning zelve niet begrijpen, en speciaal zij, welke niet den strijd hadden meemaakt. Het is dus zeer gemakkelijk te begrijpen, dat het noodig was, de zeelieden bij aan- en afmonstering bij te staan met raad en daad. Welnu, daarvoor was Manje de aangewezen persoon, die dat nooit te veel was. De ,, meerdere ‘’ aan boord, dien geheel verrast waren door de overwinning van ,,janmaat” meenden, dat hun gezag nu overboord was, en stonden de reders in alles bij de zeelieden afbreuk te doen, op hun eens gewonnen voordeelen. Eén van die middelen was, zooveel mogelijk de zaak verkeerd voor te stellen, doch dan was het steeds Manje, die de zeelieden den weg wees. Onder anderen staat het mij nog levendig voor den geest, dat een stuurman , het woord ,,forse majeure’’ zoo voorstelde, dat het betekende, dat de zeelieden alles moesten doen, wat hij hun commandeerde. Er ging geen dag in 1900 voorbij, of Manje moest voor de zeelieden optreden, en als het soms zoover liep, dat hij het zelve niet of kon, dan zond hij om den voorzitter en in de meeste gevallen was dan het pleit in het voordeel van de zeelieden afgeloopen. Wee hem, die de organisatie dorst af te takelen, in het bijzijn van Manje. Dan kon men zien, met hoeveel overtuiging hij den bond wist te verdedigen. 

Tjietze ManjeH.G. Hesterman en Tjietze Manje

Op deze twee foto's staat Tjietze Manje waarvan de rechter foto samen met zijn vrouw.

 

Dat Manje door zijne belangelooze medewerking invloed op de zeelieden had, valt wel het best te constateeren, uit het feit, dat men aan Manje van den zijde van den chr. zeemansbond eene betrekking aanbood als runner en waarbij hj evengoed zijnen handel mocht blijven voortzetten. Doch Manje was te veel zichzelven, om zich te laten koopen voor een goed baantje. Neen, daarvoor had onze kameraad Manje te veel overtuiging om zich te laten gebruiken tegenover de zeelieden en hij heeft het dan ook zonder eenig dralen van de hand gewezen. Was Manje in 1900 een onvermoeid strijder voor de zeelieden, in latere jaren werd dit niet minder. Manje was een dier personen, waarin de overtuiging diep wortel had geschoten om te strijden voor zijne klassegenooten.

Zoo heeft Manje, trots zijn zeer zwakke gezondheid, zeven jaren pal gestaan, de zeelieden te verdedigen. Thans is onze wakkere kameraad niet meer. Nu kan hij niet meer zooals hij dat zoovele honderden malen heeft gedaan, een woord van opwekking tot u spreken. Zijne plaats is helaas, na een kortstondig leven open gevallen. Wie zal haar innemen? er zijn nog zo weinigen, die uit overtuiging voor de zaak van het proletariaat strijden. Wij zijn ten volle overtuigd, dat zijn werk niet te vergeefs is geweest. Velen zeelieden zijn de oogen open gegaan, en zijn zich bewust geworden van hun strijd, dien zij hebben te voeren,

Moge het moedig optreden van Manje velen tot voorbeeld strekken, om met dezelfde opoffering en standvastigheid den strijd voort te zetten. Niemand zal Manje beter eeren, dan dat geen te doen, wat hij zeven jaar lang heeft gedaan, de zeelieden aan te sporen zich te organiseeren. Manje zijn geest zal onder de zeelieden blijven voortleven als een strijder voor vrijheid en recht.

Onze condelatie aan de weduwe van wijlen onzen moedigen kameraad     T.Manje

Onze condelatie aan de ouders van  T. Manje  en zijn broeder en zuster, bij het verlies van Tjietze Manje.

 

                                                                       Namens de afd. Amsterdam

                                                                       v.d. Alg. Ned. Zeeliedenbond.

                                                                       J. Ronner,   voorzitter,

                                                                       T. Brouwer, secretaris.

 

In het blad De Nederlandsche Zeeman, het orgaan van de Algemene Nederlandsche Zeemansbond, verscheen niet alleen het bovenstaand artikel maar ook een aantal andere advertenties. De teksten zijn overgenomen en staam hieronder weergegeven. Tjietze Manje was geen zeeman maar had samen met zijn vrouw twee sigarenwinkels: één aan de Langedijkstraat 6 en één aan de Kleine Kattenburgerstaat 49 II te Amsterdam.

 

Den 24sten October  overleed

ons aller kameraad en mede-

strijder

                  T. Manje

In den ouderdom van 32 jaren,

allen die weten welk pioniers-

werk, hij voor de zeelieden heeft

verricht, respectievelijk voor den 

Zeeliedenbond, zullen begrijpen,

hoe bedroevend dat verlies voor

ons is.

           Namens den Zeeliedenbond,

                 Afd. Amsterdam,

                J. Ronner, Voorz.

                T. Brouwer, Secr.       

……..

Geliefde  Echtgenoot.

      Tjietze Manje

In den ouderdom van 32 jaar,

na een kortstondige echtvereen-             

Ging van slechts 11 maanden        

Dat  hij  ruste in vrede,  

Den bedroefde Weduwe;

                 T. MANJE

                       M.G. HESTERMAN  

Amsterdam,    24 Oct.  1907

 

Den zaak van mijn echtgenoot

zal door mij op denzelfden

voetworden voortgezet     

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Tevens werd een advertentie geplaatst door het hoofdbestuur van de Algemene Nederlandsche Zeemansbond dat door de secretaris H. Potjewijd ondertekend was. Ook een dankbetuiging van de familie Manje ontbrak niet en was ondertekend door de weduwe, de ouders van Tjietze en zijn broer en zuster, te weten:  Wed. T. Manje-Hesterman, B. Manje, G. Manje-Visser, H. Manje en A. Manje. De ouders zijn dus Benjamin Johannes Manje en Gertje Tjietzes Vsser, zijn broer Hans en zijn zuster Antje. Tot slot was er nog één artikel die hieronder staat afgebeeld.

 

Uit deze advertentie blijkt dat de weduwe van Tjietze Manje de winkels na diens dood heeft voortgezet.

Onderwerp: Een gerespecteerde Amelander vakbondsman in Amsterdam

Geen commentaar gevonden.

Nieuw bericht